|
Op pad....
|
||
|
|
Polderkarper woensdag 2 april Het weer is op een beetje wind na wel te doen voor een middagje polderen. De pondshengel van grafiet, 3 meter 20 lang gaat mee. Langer moet het voor mij niet zijn als er een flinke wind staat. Een paar stappen van de auto vandaan zie ik al activiteit van karper. Een beetje maïs gaat er op de plek. Tijdens het optuigen van de hengel houd ik de plek in de gaten. Het pennetje gaat stijf tegen het riet en nu maar afwachten. Na een minuut of tien krijg ik een voorzichtige aanbeet, het pennetje drijft dan ineens weg maar stopt weer. Er gebeurt niets meer. Op het moment dat er weer duidelijk een karper op de stek zit, komt er een fietsen een praatje maken. Een booggolf is het resultaat, jammer! Als de fietser weg is, zoek ik een andere stek. Na een kleine wandeling zie ik op een meter of twintig aan de kant een karperrug. Tot op een meter of tien loop ik er naar toe en zak door de knieën. Het pennetje probeer ik in de buurt van de karper te plaatsen maar door de wind zeilt het stijf tegen de kant. Ik laat het even zo en werp eerst een paar korrels maïs op de plek. Er zijn meerdere karpers aan het dollen daar. Ik draai de lijn binnen om het pennetje wat preciezer te plaatsen. Het lukt! Gelijk krijg ik beet ook. Het pennetje gedraagt zich als een haperende motor. Eindelijk gaat het pennetje er vandoor en de karper probeert de hengel krom te krijgen. Dat lukt maar ten dele want zo groot en sterk is hij niet. Even later glijdt hij in het net. De eerste polderkarper van het jaar. Verder vissen levert niets meer op ook niet op andere stekken. De activiteit is ook opgehouden. Ik was zeker precies op tijd. Ik wandel nog wat verder en bekijk een paar interessante plekken voor een volgende visdag en keer dan terug naar de eerste stek bij de auto. Het pennetje blijft hier onbeweeglijk in het bijna zwarte water staan. Tijd om zelf maar in beweging te komen want het is alweer tijd om naar huis te gaan. Als het vrijdag meezit met het werk, kan ik hier om half vier zijn en blijf ik tot het donker wordt. vrijdag 4 april Er is niet veel wind en daardoor zijn er veel mooie strakke plekken. Mooi als een karper net onder het oppervlak het water doet zinderen. En dat gebeurde nogal eens. Weer was er veel activiteit langs de kant maar ik kon er geen enkele karper haken. Ze hadden het te druk met zichzelf. Om de laatste paar uur naar het donker toe te vissen had ik een mooie plek uitgezocht waar ik woensdag ook wat gevoerd had. Hier vang ik twee heel kleine karpertjes. Maar dan, er golft een karper en het pennetje beweegt even. Dan gaat het pennetje er vandoor, een boeggolf achterna. Ik sla....mis, verdorie! Ik sla totaal in de lucht en het water deint als een oceaan. Al snel vang ik weer een kleintje en er volgen er nog een paar. De grotere karpers zie ik regelmatig het water doen zinderen maar ik kan ze niet vangen. Het is intussen schemer geworden en de activiteit is afgenomen. Het is jammer dat het nog erg koud is want dit soort visdagjes is gewoon hemels. Helemaal alleen in de polder en vissen tot het donker wordt. Het is gewoon moeilijk om hier weg te komen. Ap |
|
|
|
||
| . | ||