|
_____________________________________________________________________________ |
27 juni tot 15 juli 2008
Lichter vissen op karper
Het is alweer een poosje geleden dat ik met de 3/4 ponder viste en ik miste hem, het gevoel van de beuk op het lichte glas als de karper merkt dat hij vast zit. De spurt die hij neemt en de aanhoudende gierende slip. In het voorjaar en net na de paai is dat al zo'n kick maar nu de karper op z'n sterkst is, ga je helemaal uit je dak als er een zeventig plus is gehaakt. Eén voorwaarde echter, het water moet obstakel vrij zijn. Een plukje riet of een paar plantjes is niet zo erg maar geen duikers liever maar zeker geen brugpijlers, flinke plantenbedden of andere zware obstakels. De karper lijkt even een ongeleid projectiel als je voor het eerst zo licht vist maar al gauw leer je beheerst om te gaan met het lichte materiaal en raak je er aan verslaafd, kan je niet meer zonder lichter vissen.
Om de lichte lijn, 18/00 op de 2 meter 80 lange glashengel zo sterk mogelijk te houden tuig ik als volgt op: Er gaan vier rubbertjes op de lijn. Twee voor de dobberconnector en twee voor een loodhagel van 0,3 gr, 0,5 gr of 0,6 gr die aan een dobberconnector is bevestigd doormiddel van twee componentenlijm. Er wordt dus geen lood op de lijn geknepen. Zachte loodhagel is helemaal geen bezwaar maar bevestig je het niet te strak, verschuift het nogal eens, en knijp je het te strak dan zit er een deukje in dat de lijn verzwakt. Vooral bij de kantvisserij met een korte hengel en de eerste spurt van de karper, verg je veel van een nylon lijn. Ik heb er, op deze manier gemonteerd,vertrouwen in, en dat vist lekker ontspannen. Er komt nog een onderlijntje van dyneema onder, eentje die redelijk schuurbestendig is zoals Whiplesh Pro van Berkley. De onderlijn en hoofdlijn worden verbonden met een wartel nr: 8 doormiddel van de palomarknoop. Voor wartel nr: 8 heb ik gekozen om de knoop van de nylonlijn goed te leggen maar ook voor het gewicht die het pennetje nodig heeft, eventueel, in combinatie met de loodhagel zodat het pennetje redelijk goed is uitgelood. Ik kan zo een van licht tot zwaarder pennetje monteren. De haak is meestal nr: 8, 10 of 12. Het is maar welk aas en hoeveel er op moet.
De eerste paar dagen dat ik viste was het heel erg warm en benutte ik alleen de avonduren zo vanaf zes uur. Later in de week werd het minder warm en was de karper ook eerder actief en begon ik wel om drie uur. Een brasem die ik ving op 28 juni, zat vol met paaiknobbeltjes en later op de avond was er veel vis aan de kant aan 't spetteren zoals dat in de paaiperiode gebeurt. De brasem had ik al veel eerder paaiend gezien en ik dacht dat die wel klaar waren, het verbaasde me enigszins. Veel karper kon ik niet haken maar een paar konden niet van het aas afblijven. Ze waren er wel maar ze maakten er een spelletje van om het pennetje te beroeren en een boeggolf achter te laten. Hetzelfde gedrag dat ik in het voorjaar ook meemaakte. Plezierig om te zien was het wel, ik hoef niet altijd te vangen. Kijken is ook leuk en daarom heb ik ook tegenwoordig een verrekijker bij me zodat ik een sloot kan afspeuren op activiteit van vis. En voor andere dieren ook niet onbelangrijk om ze op afstand te kunnen zien.
Er komen altijd weer dagen dat het wil lukken en gelukkig was ik toen ook aan 't water. De eerste beuk op het glasvezel ging als een stroomstoot door m'n hele lijf. Het pennetje was rustig van me af naar de overkant gegleden en tegen de kant had ik de vis gehaakt. De karper veroorzaakte een golf tegen de kant en ging er toen langs de kant vandoor. Hij ploegde door wat riet dat knakte door de lijn als de karper er voorbij ging. De buiging van de hengel en de gierende slip lijken dan verboden middelen zo lekker voelt het.
Samen met Arjan ging ik een avondje in de Alphense polder op karper. Het is een water waar grote karpers voorkomen maar omdat ik de juiste molen vergeten was voor de pondshengel ging ik bij toeval vissen met een net aangeschafte Fair Play 3/4 ponds Extra Special Light van 3 meter 70 voor 18/00 nylon. Het molentje met 18/00 zat gelukkig wel in m'n tas. Het was een prachtige dag en ook wel karper gezien maar we vingen niets. Jammer voor Arjan die miste een grote karper maar voor mij was hjet visloos blijven niet zo erg denk ik want een paar dagen later viste ik er met Peter, ik weer met de 3/4 ponder van 3 meter 70, en hij ving er een beer van een karper met een Traditional van 1,75 pond die aan 't lichte stokje van mij voor behoorlijk wat problemen had kunnen zorgen. Daar moet het dus echt wat zwaarder.
Een 70+ zat er deze keer niet in maar met 68 cm op de 3/4 ponder had ik heel veel lol. Eén karper van 64 cm ging door de slip alsof het een 20 ponder was, en nam minstens 30 meter lijn. De slip krijste het uit en je verlangt dan stiekem dat ie stopt. Het was geen grote karper maar verkeerd gehaakt. Ze zijn dan drie keer zo sterk.
Als ik een poosje met licht materiaal heb gevist, krijg ik als vanzelf weer zin in wat zwaarder spul. Om dan de begroeiing op te zoeken, een zwaardere karper te haken. Voor sommigen zal een 1,25 of 1,50 ponds nog licht zijn maar voor mij is dat ongeveer de grens om lekker op karper te vissen. Het moet wel lichtervissen blijven. ______________________________________________________________________________ |